Als een charlatan een sekte opricht, dan zal hij altijd geneigd zijn om geld te ontfutselen aan zijn volgelingen. De eerste christenen werden weliswaar ook aanzien als een Joodse sekte (Hnd 24, 5.14) die de naam “De Weg” gekregen had, maar hun leider, Jezus, beantwoordde geenszins aan het Messias-profiel dat de Joden verwacht hadden. De Joden zaten inderdaad al eeuwen en eeuwen te wachten op een nieuwe Mozes die tegelijkertijd een nieuwe David zou zijn: een groot profeet dus die als machtige koning de Joden zou redden van alle onheil.

Op de 21ste zondag door het jaar (A-jaar) lezen we een passage die uitermate belangrijk is voor de Katholieke Kerk: Mt 16, 13-20 “de belijdenis van Petrus”. Het lijkt wel een eenvoudige, symmetrische, bijna romantische, uitwisseling van lofbetuigingen: 2 x “Gij zijt”.

Het dogma van Maria-Tenhemelopneming werd afgekondigd door Pius XII in 1950. Het lag al op tafel tijdens het Eerste Vaticaans Concilie (1870), maar toch heeft de Katholieke Kerk nog 80 jaar gewacht met de officiële afkondiging. Nochtans lag het dogma in de lijn van het dogma van de onbevlekte ontvangenis (Pius IX, 1854): Maria is altijd “gevrijwaard van elke smet van de erfzonde” geweest, vanaf haar geboorte uit (Sint-) Anna. Dit dogma gaat terug op de begroeting van de engel Gabriël bij zijn boodschap aan Maria (Lc 1, 28): “Ave, gratia plena, Dominus tecum”, letterlijk vertaald “Gegroet, vol van genade, de Heer met jou”. De begroeting van de nicht Elisabet is al even betekenisvol: “Gij zijt gezegend onder de vrouwen” (Lc 1, 42). In het volgende vers valt de uitdrukking “de moeder van mijn Heer”.

Eén week na het verhaal over de broodvermenigvuldiging, lezen we vandaag een al even bekend verhaal: “tegenwind op het meer” oftewel, maar dan zijn we al aan het interpreteren, “Jezus loopt over het water”. De letterlijke interpretatie kennen we allemaal vanuit de filmwereld, maar wat kan een symbolische interpretatie ons bijbrengen?

Op deze 18de zondag door het jaar gaan we dieper in op het overbekende verhaal van de broodvermenigvuldiging, het enige mirakel dat in de 4 evangeliën voorkomt en dat 6 maal verteld wordt. Het is een uitgelezen moment om de letterlijke en de figuurlijke/symbolische lezing te belichten en om te komen tot een meervoudige lezing met een veelvoud aan zingeving.

Wie vindt er niet graag een koopje in de Kringwinkel, op de Rommelmarkt of tijdens de solden? In de parabel van de verborgen schat lezen we dat het zoeken en vinden van het Koninkrijk veel leuker is dan het vinden van gelijk welke aardse schat. Jezus had dat ook al in de Bergrede gezegd: “zoekt eerst het Koninkrijk en zijn gerechtigheid” (Mt 6, 33); “Verzamelt u geen schatten op aarde, waar ze door mot en worm vergaan en waar dieven inbreken om te stelen; maar verzamelt u schatten in de hemel, waar ze niet door mot of worm vergaan en waar dieven niet inbreken om te stelen” (Mt 6, 19-20).

In het tweede deel van de parabelrede (Mt 13) vertelt Jezus hoe gemakkelijk er onkruid groeit tussen de tarwe en Hij legt uit dat het onkruid symbool staat voor “de kinderen van het kwaad”. Van de oude zegswijze <<onkruid vergaat niet>> weten we dat het slechte moeilijk uit te roeien valt; integendeel, het slechte heeft neiging om het goede te overwoekeren. De parabel wil ons nog een andere les aanreiken: de “knechten” zijn te gebrand op het “bijeengaren” (lees: uittrekken, wieden) van het onkruid. Bij Zijn uitleg gaat Jezus niet in op dit voorstel van de knechten. In de parabel zelf zegt de Heer duidelijk “neen”: de Heer is bang dat de knechten bij het bijeengaren van het onkruid per ongeluk ook wat goede tarwe zouden uittrekken. Jezus zegt expliciet dat het wieden & verbranden  van het onkruid pas zal gebeuren “op het einde van de wereld”.

Het evangelie van de 14de zondag door het jaar is hetzelfde als dat van de viering van het Heilig Hart van Jezus, namelijk Mt 11, 25-30 (de lichte last); we verwijzen dan ook graag naar het artikel “Meer dan een gouden hart” dat op 17 juni verscheen. Vandaag concentreren we ons op één aspect van vers 25: Jezus zegt er ons dat de toegang tot Gods koninkrijk niet afhangt van ons studieniveau, maar eerder weggelegd is voor de “kleinen” (SV & NBG “kinderkens”). 

  • op dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag:
    • tussen 9:30 en 11:30 uur voor bezoek;
  • op zaterdag:
    • tussen 14 en 16 uur voor bezoek;
    • tussen 16 en 17 uur voor de eredienst;
  • op zondag:
    • tussen 10 en 11:15 uur voor bezoek;
    • tussen 11:15 en 12:15 voor de eredienst.

Dank voor uw begrip namens
het parochieteam en waarnemend pastoor Bruno Aerts

Lieve mensen,
Beste parochianen van Sint-Anna-ten-Drieën, Sint-Walburgis en Sint-Joris,

Ik heb vandaag een bijzondere mededeling voor u.
Vandaag zijn we in vreugde hier samen om te vieren, eindelijk, na bijna drie maanden!
Ik besef dat deze mededeling een domper op de feestvreugde zal zijn, waarvoor mijn verontschuldigingen.

Vanaf 1 september zal ik niet meer bij jullie zijn.
De bisschop heeft mij gevraagd om een nieuwe opdracht te aanvaarden. Vanaf 1 september word ik parochiepriester in de Pastorale Eenheid Rupelkerk Sint-Franciscus (de parochies in Boom en Rumst) en de Pastorale Eenheid Sint-Bernardus (de parochies in Niel-Schelle-Hemiksem).

Geen feed gevonden